Vertrouwen gaat om geloven, maar vooral ook om niet geloven. En dat lijkt een contrast. Want betekent vertrouwen niet geloven in? De reden waarom je zou kunnen zeggen dat vertrouwen zoals wij het kennen niet bestaat is omdat het juist belangrijk is niet alles te geloven wat je denkt. Het is belangrijk om jouw eigen gedachten te wantrouwen. Vertrouwen heeft dus veel meer te maken met leven vanuit je natuurlijke staat van zijn – jeZelf zijn – en weer in verbinding komen met jezelf, zodat je geen lijden hoeft te ervaren. Klinkt leuk, maar hoe doe je dit? 

Door tal van redenen komen we in het leven in situaties terecht waarin we ervaren dat ons vertrouwen is geschaamd. Je kan hierdoor wantrouwend zijn geworden in de hoop jezelf te kunnen beschermen van de pijn uit vorige situaties. Echter, hoe harder jezelf probeert te behoeden voor ‘gevaar’, hoe groter de kans is dat je jouw gevoel – intuïtie – negeert en je daadwerkelijk in ‘gevaar’ komt. Jouw beschermingsmechanisme maakt dat jij je afsluit van jezelf. Je verliest de verbinding met jezelf en ervaart dat je niet meer goed bij je gevoel kan komen. Met andere woorden: handelen uit angst maakt dat je angst vaak waarheid wordt. Zo ook met vertrouwen. Hoe meer je handelt naar je wantrouwen in anderen hoe groter de kans dat je in situaties terecht komt waarin dit bevestigd wordt.

Ok, maar hoe dan wel?

Dat leg ik je graag uit, ook al blijft dat in tekst een uitdaging, maar om te weten hoe je hier stappen in kan maken is het eerst belangrijk om te begrijpen wat je precies doet in dergelijke situaties én waarom. Op het niveau van een persoon, zoals wij onszelf identificeren, zijn we op zoek naar meer prettige gevoelens en minder onprettige gevoelens: to avoid pain or to gain pleasure. Wat wij labelen als positieve emoties zien we niet als probleem, maar wat we labelen als negatief zijn we liever zo snel mogelijk kwijt.

Herkenbaar? Wanneer er een gedachte opkomt en je die waarde toekent, dan reageert je emotionele lichaam direct. De gedachte aan iets fijns – krijgt het label ‘fijn’ – en brengt fijne gevoelens met zich mee. Maar nog veel vaker kennen we waarde toe aan gedachten die van andere aard zijn. Gedachten aan iets waar je erg tegenop ziet, omdat een soortgelijke situatie in het verleden slecht heeft uitgepakt. Op dat moment ontstaat er verkramping in je emotionele systeem. We zeggen op dat moment bijvoorbeeld: ik ben bang, ik voel me verdrietig of ik ben gespannen. Of beter gezegd: de ervaring van het verkrampen van ons emotioneel systeem ervaren we als angst en verdriet, maar we drukken dit vaak uit in een ontlading naar de buitenwereld. We zeggen dus niet; ik ben bang of ik ben verdrietig. Maar botvieren onze gevoelens op de ander of bedenken een verhaal waarbij we de ander verantwoordelijk stellen voor ons gevoel: hij of zij geeft mij een bepaald gevoel. Ik kan hem of haar niet vertrouwen. 

Het enige dat je niet kan vertrouwen is je eigen mind.

Je probleem is niet je denken, maar wel dat je jouw denken gelooft en/of serieus neemt. Alle gedachten die voorbij komen, komen voort uit ervaringen uit het verleden. Of het in het verleden zo is gebeurd weet niemand, maar jij hebt het zo ervaren. Jouw ervaringen leiden tot bepaalde soort gedachten. Het geloven van al deze gedachten leidt tot lijden.

Neem de hierboven genoemde situatie. Je komt in een situatie terecht waarbij je gevoelens ervaart die je spanning geven. Er komt een gedachten boven: ik word (misschien wel) belazerd, omdat je in het verleden een situatie hebt gehad waarin je dit zo ervaren hebt. Omdat je jezelf niet wil wantrouwen maak je direct waarheid van je eigen gedachten en sta je jezelf toe zo te voelen: ik krijg een gek gevoel bij deze persoon, dus kan ik die persoon niet vertrouwen. Op dat moment koppel je los van je eigen natuurlijk staat van zijn en leg je de verantwoordelijkheid van jouw gevoel bij een ander: de ander is niet te vertrouwen en daarom voel ik spanning. Je bent uit verbinding met jezelf en het lijden begint.

3 tips hoe te oefenen met de mind.

  1. Wantrouw je gedachten door ze te ondervragen: is het waar wat ik denk? Is het waar dat ik word belazerd? Kan ik absoluut zeker weten dat het waar is? Wat doe ik, hoe reageer ik (op die persoon) als ik de gedachten geloof? En wie ben ik zonder die gedachte?
  2. Je emoties zo snel mogelijk opmerken, dus aandacht geven zodra je ze voelt. Emoties hoeven geen worsteling te zijn, daar zijn ze helemaal nooit voor bedoeld. De identificatie met je emoties is een lastige, omdat ze zo echt lijken, maar het is niet wie jij bent. Alleen wanneer jij de emotie opmerkt, kan je ook komen bij de gedachte die hieraan vooraf ging. Bijvoorbeeld: “ik word (misschien wel) belazerd” komt vóór de spanning die je voelt. Deze gedachten kan je ondervragen met de hierboven genoemde vragen. Je emoties helpen je waakzaam te blijven voor de trekkracht van het ego – hé, je bent een gedachten aan het geloven, pas op – en je gedachten op waarheid te onderzoeken.
  3. Laat de emotie – de sensatie – er volledig zijn. Geef je weerstand tegen negatieve emoties op. Zolang je weerstand blijft hebben tegen pijn en ongemak zal de aanwezige emotie (en je weerstand!) in je systeem aanwezig blijven én groeien en het brengt je daarmee uit verbinding met jeZelf. Pijn en verdriet zijn sensaties die je ook mag ervaren.

Als je jouw weerstand opgeeft en jouw emoties kan aanschouwer en toelaten, dan zal je hart openen en maak je de verbinding met jeZelf. Vanuit de verbinding met jeZelf is er vertrouwen. 

Note: ik ontken niet dat het soms niet klopt om met iemand te zijn, met iemand te werken, met iemand zaken te doen, met iemand een afspraak te maken of iets in de trant. Je kan spanning ervaren bij iemand, maar zonder de gedachten “ik word belazerd” berust deze spanning vaak op een verschil in visie, kernwaarden en/of levensmissie. Het betekent dus niet direct dat die persoon niet te vertrouwen is, maar het kan wel zijn dat deze persoon volledig anders handelt dan jij in sommige situaties. Dit kan een prima reden zijn om niet (meer) met elkaar af te spreken, een relatie te verbreken of zakelijk niet met elkaar in zee te gaan. Durf ook die beslissing te maken anders zal je keer op keer worden teleurgesteld.